“Hoe beter de ‘oogst’, hoe beter de analyse”
Een gezonde dosis perfectionisme heb je wel nodig voor dit werk”, lacht Amy Swinnen, laboratoriumanalist. “Gelukkig hebben we dat allebei”, vult collega Jana Paulissen aan. “Check, check en dubbelcheck en een super strakke organisatie. Alles wat wij doen is volledig traceerbaar in Helix en daarnaast houden we nog aparte formulieren bij voor de kwaliteit.” Amy en Jana zijn beiden verantwoordelijk voor ‘de kweek’ op het lab Klinische Genetica.
Amy: “Ons werk bestaat simpel gezegd uit het op verschillende manieren vermeerderen van cellen uit verschillende typen monsters en ze vervolgens oogsten op het juiste moment. De kwaliteit van de geoogste cellen is vanzelfsprekend erg belangrijk. De collega’s na ons gaan namelijk aan de slag met de data-genererende analyse. Ze maken een karyogram, zeg maar een ‘overzichtsfoto’ van de verschillende chromosomen die op een bepaalde manier gerangschikt zijn. Een karyogram maakt afwijkingen in aantal of vorm van chromosomen zichtbaar waardoor een diagnose gesteld kan worden. Hoe beter ‘de oogst’ hoe beter het karyogram.”
Drie hoofdgroepen
Amy en Jana krijgen voornamelijk monsters uit drie hoofdgroepen onder handen. “Hematologische aandoeningen, prenatale afwijkingen en postnatale afwijkingen (indicaties zoals het syndroom van Down of Turner, of het achterhalen van de oorzaak van herhaalde miskramen)”, vertelt Jana. Daarnaast werken we steeds vaker mee aan bepaalde medische studies op het gebied van voortplantingsgeneeskunde.” Amy: “Naast het kweken, isoleren en oogsten, hebben we ook andere taken. Denk bijvoorbeeld aan nieuwe kits implementeren en testen of nieuwe apparatuur valideren. Daarnaast hebben we Genome Services Maastricht UMC+ waarbij we andere laboratoria ondersteunen in bijvoorbeeld isolaties van bepaalde cellen. Wij hebben hier de kennis en kunde in huis, die andere labs vaak niet hebben.”
Wij blijven elke dag leren
Het werk is leuk, afwisselend en interessant, daarover zijn Amy en Jana het eens. “We doen dit voor patiënten, dat maakt het extra boeiend”, vinden beiden. “Dat is voor mij veel motiverender dan op een commercieel lab werken, het werk dat ik hiervoor deed. Wij beschikken weliswaar niet over veel details van de patiënt, maar voelen ons zeer betrokken bij ons deel in het realiseren van een juiste genetische uitslag”, zegt Jana. Amy: “Hoewel ons werk is vastgelegd in protocollen, moeten we ook zelf blijven nadenken en bepaalde kweken monitoren. Dat is nu net de uitdaging. Zo hadden we een keer huidmonsters van een broer en een zus. In de kweek van de zus groeiden de cellen volgens verwachting, die van de broer deden helemaal niets. Pas na drie weken was daar enige beweging te bespeuren. In zo’n geval gaan we in gesprek met de laboratoriumspecialisten: is er sprake van een infectie, wat kan hier aan de hand zijn? In dit geval was het uitblijven van de celgroei te wijten aan een ernstige levensbedreigende hartafwijking. Dan weet je weer waar je dit werk voor doet.” Jana: “Zo blijven we elke dag leren.”
Aan weinig woorden genoeg
Jana en Amy zijn volledig op elkaar ingespeeld. “We werken heel goed samen, we hebben weinig woorden nodig, zijn beiden zeer secuur en houden er niet van om dingen voor elkaar te laten liggen”, aldus Jana. Amy: “We dragen veel verantwoordelijkheid en er is ruimte voor eigen initiatief. We willen alles goed begrijpen, weten waarom we iets doen. Daarom hebben we regelmatig contact met de laboratoriumspecialisten. Ook vinden we het leuk dat we kunnen bijdragen aan medisch wetenschappelijk onderzoek. Dat geeft nieuwe dynamiek aan de job en aan het team.”